Ik weet het nog als de dag van gisteren. Het was 5 augustus 2013. Mijn man, dochter (net 4) en ik waren een paar dagen ervoor aangekomen op camping Les Gandins in de Auvergne, Midden-Frankrijk. Het was supermooi weer. We waren naar Vichy geweest voor nieuwe waterschoenen, want de steentjes in de rivier waren niet echt fijn aan je voeten. 

Op de terugweg vormden zich in de verte dikke wolken met hier en daar een lichtflits. Bij de camping aangekomen begon het te regenen. Snel de tent in, zo’n flabberding van parachutestof, nog uit onze studententijd.

Na 5 minuten begint het me toch te hozen. Door het plastic raampje zie ik alleen maar stromend water. Wacht even, zijn dat nou hagelstenen…? Dan gaat het ook nog waaien. Ik grijp het touwtje in het midden van onze koepeltent. Net op tijd want hij zwiept alle kanten op. Vooralsnog is het binnen droog. Antoine pakt ondertussen onze dochter op schoot. Hij is er zeker van dat hij de haringen goed heeft vastgezet. 

Verderop kraakt een boom, mensen gillen, ik voel de kracht van de windhoos. Ik houd de tent nog maar net. Hangend aan het draadje tuur ik zo goed en kwaad als het kan naar buiten. Ik zie de tent van de overburen omver rollen, tegen de veranda van het huurhuisje 500 meter verderop.

 Achter onze tent klinkt een enorm gekraak en een harde plof, waarschijnlijk een boom die valt. Antoine en ik kijken elkaar aan. Kut, dit is best heftig. Omwille van onze dochter gaan we liedjes zingen, we blijven zo rustig mogelijk.

Ik voel een kracht opkomen

Ondertussen rolt er een traan over mijn wangen. Ik vind het nu toch wel heel erg eng. Ik staar naar het topje van onze tent en er floept in mijn hoofd: ‘Dit is toch niet het einde?’ Net zo snel als die ene zin, plopt de volgde op: ‘Echt niet, wij gaan hier verdomme gewoon uitkomen. We zijn op hier vakantie en we gaan ervan genieten ook.’ Ik voel meteen een kracht van binnenuit opkomen die maakt dat ik mij héél groot en sterk voel.

Dan wordt het stil, de wind is gaan liggen. We ritsen de tent open en kijken om ons heen. Wat een ravage. Overal plassen water, afgerukte takken, omgevallen bomen, gescheurde tenten, gehavende caravans en mensen die in verbazing en paniek rondlopen. De camping is een slagveld.

Stil in het midden van de storm

Terugkijkend op deze situatie: het is inderdaad stil in het midden van een storm. Alles raasde letterlijk om ons heen, de wind, de regen, de takken en de tenten. Ik voelde de kracht ervan, werd er bijna door opgeslokt. Totdat ik naar binnen keerde en ik die kracht ook in mijzelf kon voelen. Op dat moment maakte ik een keuze hoe ermee om te gaan en werd het weer stil van binnen. Van daaruit kon ik de geïnternaliseerde kracht naar buiten brengen in hoe ik aanwezig wilde zijn in dit tumult, hoe ik verder mijn vakantie wilde in vullen.

Van binnenuit leiden

Wat ik tijdens van deze vakantie nog niet kon vermoeden was dat dit natuurgeweld een voorbode was voor mijn leven thuis in Nederland, waaronder een ontslag. Ook toen, en nu in mijn bedrijf Innerluck is de ervaring op de camping leidend. Mijn motto is:

Als je je van binnenuit laat leiden en kiest wie je – in willekeurig welke situatie – wilt zijn, ben je enorm krachtig.

Veel andere vakantiegangers op de camping voelden zich slachtoffer van de situatie. Ze maanden de campingeigenaar nog meer ‘gevaarlijke’ takken af te zagen, wilden buiten de camping verblijven, eisten hun geld terug enzovoort. Wij, daarentegen, hebben een pracht vakantie gehad. De zon kwam weer tevoorschijn, de tent werd droog en we hadden een hoop lol van de waterschoenen.